Moestuintip: klimrek voor bonen

Anne Bonthuis

24-07-2016 14:49:20

Elke maand volgen we in Seasons tuinvrouw Jeanet Zandbergen, aan het werk in de door haar zelf aangelegde moesmanden. Zij deelt graag haar handige tips en ervaringen met ons. Deze week: hoe kweek je stokbonen? “Om ‘bonen te leggen’ heb je zes wilgentenen van ongeveer 2.30 meter lang en strotouw nodig. Ik plaats de tenen telkens stevig in een driehoek – op 40 cm afstand – achter in de twee achterste manden. Dit in verband met de zon: voorin nemen ze te veel licht voor de andere planten weg. Ten slotte bind ik de tenen bovenin met een stuk strotouw bij elkaar. Onder aan elke teen leg ik op ongeveer 3 cm diepte drie bonen, om er zeker van te zijn dat er in elk geval één kiemt en uitloopt. Dat is genoeg, de rest trek ik later gewoon weg. Ik heb gekozen voor de ‘Isabel’, een dubbele stokslaboon met peulen van 10-14 cm lang.” Let op: bonen zijn heel gevoelig voor nachtvorst en worden dus pas vanaf half mei buiten gezaaid of geplant. Vroeger is mogelijk door half april in platte bakken te zaaien. Hetzelfde geldt voor de herfst. Half tot eind augustus kun je bonen nog onder glas zaaien. Dan is later oogsten, in de nazomer of begin van de herfst, nog mogelijk. bonenstokken_0831-klein Bodem en bemesten Bonen groeien op bijna alle grondsoorten, maar houden niet van zure grond. Ze groeien goed in de volle zon, op warme grond die niet te nat is. Bonen zorgen zelf voor stikstof doordat ze stikstof uit de lucht opslaan in de wortelknobbeltjes (stikstofsynthese). Daarom hebben ze weinig bemesting nodig. Compost van plantaardig materiaal is ideaal. Ook om bonenvliegen tegen te gaan, die afkomen op stalmest. Toch last van de vliegen? Leg eens een dubbelgevouwen vliesdoek over het zaaisel.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Nu in de winkel!


Meer Tuin