Babette Hofstede maakt prachtige dieren van papier-maché

Marloes Blom

07-11-2022 10:00:00

Babette Hofstede

Van oude kranten en verkreukelde klerenhangers maakt ze dieren van papier-maché. In een satéprikker ziet ze een snavel. In lijmresten het lijfje van een libelle. Babette Hofstede kijkt anders naar dingen die wij achteloos weggooien.

Vind jij het een kunst of een hobby?
“Sinds vorig jaar word ik door de belastingdienst officieel als ‘kunstenaar’ beschouwd. Dat voelde voor mij als een diploma. Ik neem mezelf nu serieus, vind dat ik een kunstenaar ben. Daarvoor beschouwde ik mezelf meer als een mama-met- een-hobby. Papier-maché wordt nog weleens onderschat. Als ik het mensen vertel, krijg ik vaak te horen: ‘Heb ik ook weleens gedaan. Dat is niet zo moeilijk’. Maar het verenigt twee disciplines die best pittig zijn, namelijk het bouwen van vormen en schilderen. De kunst is om ze allebei te beheersen. Daarin heb ik flinke stappen gezet. Mijn eerste klanten hingen mijn werk vaak in de kinderkamer. Tegenwoordig ben ik ‘woonkamerfähig’, merk ik.”

Altijd al een dierenliefhebber geweest?

“Ik ben geen uitgesproken natuurmens, woon in hartje Amsterdam. Maar dieren vertederen me, maken me blij. Vooral als ze me op de juiste manier aankijken. Kinderen doen ook zoiets met me, volwassenen een stuk minder. Mijn eerste dier maakte ik op een workshop. Toen ik ermee thuiskwam, waren mijn kinderen razend enthousiast. ‘Kun je ook een hert maken?’ vroegen ze. ‘En een stokstaartje?’ Zij hebben er voor gezorgd dat ik er verder mee ben gegaan. Komt bij dat ik het fijn vind om te boetseren met papier, te klooien met lijm en met mijn handen bezig te zijn. Het heeft iets meditatiefs.”

Gebruik je veel verschillende technieken?

“Mensen denken meteen aan ballonnen en gaas. Dat doe ik niet, vind ik akelig, te voorgevormd of zo. Nee, ik bouw een dier helemaal op uit krantenpapier en behangerslijm. Voor lange nekken gebruik ik ijzerdraad van oude kleerhangers en voor snavels bijvoorbeeld eetstokjes. Ik gebruik ook stukjes pvc-buis, satéprikkers, ijzerdraad, karton, afgebroken kwasten, eierdozen en nog veel meer. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik kan er wel wat mee. Al die verschillende materialen moeten ook weer met lijm of naaigaren verbonden worden.”

Lukt het altijd?

“Je begint steevast met een plat vel papier. Meestal krijg ik de vorm er wel snel in. Maar er is er eentje, een bijtje, dat ik al honderd keer in mijn handen heb gehad. Het is hem nog steeds niet, weet niet of het me ooit gaat lukken. Nog zoiets: de balans van een vogel. Dat is heel lastig. Vaak vallen ze om. Zit het in de staart? De kop? De poten? Daar kan ik ’s nachts in bed over piekeren. Het komt uiteindelijk goed, maar bij een nieuwe vogel begint het weer van vooraf aan.”

Brengt het materiaal je op ideeën?

“Een papier-machédier begint vaak bij iemand die me op een nieuw beest attendeert of dat ik er zelf eentje zie. Bij mijn insecten leidt het materiaal de weg. Dan zie ik iets in een vondst. Een knoop kan een spin worden. In een lange, opgedroogde lijmdruiper zie ik het lijfje van een libelle, in de helikopterzaadjes van de es haar vleugels. Een petfles kan ik verwarmen tot een torretje en ga zo maar door. Ik schep er sowieso heel veel plezier in om alleen maar met weg- gegooide spullen te werken, om uit niets iets te maken. Dat anders kijken naar wat mensen ‘rommel’ vinden, heeft altijd in mij gezeten. Ik kan het ook niet uitzetten, m’n hoofd begint te ratelen als ik wat zie.”

Altijd op zoek naar afval?

“Eigenlijk moet ik niet over straat lopen als de vuilnis buitenstaat. Dan blijf ik bezig. Mijn aandachtsgebieden wisselen wel steeds. De ene week ben ik in de ban van wat je allemaal kunt doen met een petfles en zoek ik naar plastics. De andere week ben ik aan het experimenteren met pulp van eierdozen of lange nekken en zoek ik specifiek naar die dingen die ik daarvoor kan gebruiken. Nu ben ik bijvoorbeeld weer gefixeerd op verschillende typen karton. Dik, dun, met of zonder soort honingraat ertussen, kleuren, met of zonder bedrukking; het opent nieuwe wegen.”

Welk dier is het meest in trek?

“De haas, die verkoopt vanaf het begin het allerbeste en blijft populair. Het zal wel door z’n grote oren komen, denk ik. Elk exemplaar dat ik maak is echter anders – ik ben geen fabriek. Lichtbruin, grijs, lange oren, stompe oren; je kunt eindeloos variëren. Ze kijken ook allemaal anders! Omdat hij zo populair is, heb ik er altijd een paar op voorraad. Dat vind ik belangrijk, want mensen moeten er wel eentje kunnen uitkiezen die hen blij maakt.”

Blijf je dicht bij de werkelijkheid?

“Van tevoren bestudeer ik een dier. Een sprinkhaan heeft zes poten, daar zorg ik wel voor, maar het mag wel wat losser zijn dan de werkelijkheid. Ik speel graag met de verhoudingen. Een beetje onbeholpen uiterlijk vertedert nog meer, vind ik. Bij mijn dierenportretten is dat anders. Mensen vragen om een portret van hun overleden huisdier. Dan vind ik ook dat er een bepaalde gelijkenis moet zijn. Ze moeten iets kunnen herkennen, niet alleen qua vormen en kleuren, maar ook qua uitstraling, qua karaktertrek. Ik krijg geregeld de as van een gecremeerd huisdier opgestuurd met de vraag of ik die in het portret kan verwerken. Dat kan op allerlei manieren, bijvoorbeeld in de verf. Het geeft een heel mooi reliëf. Het blijft elke keer weer spannend, een portret. Tegelijkertijd is het heel dankbaar om te doen.”

Welk dier staat op je bucketlist?

“Het is niet zo dat ik per se elk dier in de wereld een keer wil maken. Ik streef geen ark van Noach na. Als ik er een moet noemen, dan de giraf. Ik heb hem weleens gemaakt, maar die vind ik niet mooi genoeg. Ik ben vooral op zoek naar steeds meer vrijheid voor mijn scheppingsdrang en benieuwd naar de grens van het onmogelijke. Meer technieken en materialen toepassen in een dier bijvoorbeeld. Experimenteren met andere formaten. Van héél groot tot héél klein. Lukt het me om een mier te maken?”

Workshop volgen?

Meer weten over het werk van Babette Hofstede of een workshop? Kijk op babettes-wereld.com of volg haar op Instagram: @babette_hofstede.

CREDITS: TEKST LEO ALEXANDER SCHLANGEN | FOTOGRAFIE PEGGY JANSSEN | STYLING ANNELIES MORRIS

Meer kunstige natuur

Zelf aan de slag?

Nu in de winkel!

Meer Wonen