Forest to Plate: wildplukken in de Franse Ardennen

Marloes Blom

24-07-2022 10:00:00

wildplukken Ardennen

In het noordelijkste puntje van de Franse Ardennen wacht een uniek back-to-basic-avontuur. De natuur induiken op zoek naar eetbare wilde planten, ze herkennen en samen klaarmaken op houtvuur. Zet je wandelschoenen maar vast klaar.

Het is zover: ik ga een weekend wildplukken in de Ardennen met Ben Brumagne. Dit stond al lang op mijn wenslijstje. Als fervent wildplukker leer ik graag van andere kenners, zeker als dat iemand is met zo veel ervaring als Ben.

Het is een genot om in de vroege ochtend naar de locatie te rijden in Vireux-Molhain, even over de Frans-Belgische grens. Ik herontdek het mooie Dinant met zijn schitterende citadel, vanaf Givet volgt de route een stille kant van de Maas en dankzij een kronkel van mijn gps verdwaal ik kilometerslang over slingerende landwegen en krijg schitterende vergezichten op de vallei van de Viroin cadeau. Dan arriveer ik in het sfeervolle Forest to Plate-huis dat de dorpsbewoners begrijpelijkerwijs ‘le petit chateau’ noemen. Van hieruit organiseert Ben wildplukwandelingen en -weekends.

Aanstekelijke bezieling

Als tiener raakte Ben geïnteresseerd in eetbare wilde planten. Na zijn middelbareschooltijd ging hij reizen. “Al liftend ging ik met een vriend naar Spanje, de ongerepte natuur in, op zoek naar een soort ‘Into the wild’-avontuur”, vertelt hij. “Daarna maakte ik een rondreis door Canada en Amerika waar ik in contact kwam met natuurlijke geneeskunde. Van die medicinale planten wilde ik meer weten, maar vooral leren hoe andere culturen wilde planten gebruiken in hun keuken. Eenmaal terug in België startte ik een opleiding herborist en biologische landbouw aangevuld met dagen zelfstudie. Daarna kwam het ludieke idee om een fietstocht van Brussel naar India te maken, met als ambitie enkel te overleven met wat ik onderweg in de natuur zou vinden, een unieke ervaring. Ik verfijnde vervolgens mijn kennis door stages te lopen bij het kruidenbedrijfje van Yo De Beule en bij de zelfpluktuin van Purfruit, boeiende mensen met fijne projecten, een juiste visie en wier bezieling heerlijk aanstekelijk werkte.”

De natuur ingaan, haar omarmen, verbinding vinden, planten zoeken en recepten bedenken werd de grote passie van Ben. “Mensen dichter bij de natuur brengen via wandelingen, weekenden en workshops. Iemand leren kijken naar de schoonheid van wilde planten en al het lekkers uit de natuur laten ontdekken, daar gaat het om. Niet voor niets heten we Forest to Plate. We hebben zo veel kennis verloren: planten worden al duizenden jaren gebruikt, hoog tijd om die te herontdekken. Als ik dan telkens zie hoe blij en verwonderd mensen zijn na alles wat ze leerden na een cursus, geeft me dat een rijk gevoel.”

Natuur als voedselbos

Na een stevige kop koffie trekken we met een tiental enthousiastelingen ’s morgens de mooie Ardense bossen in. Regelmatig houdt Ben halt. Overal valt wel iets te plukken en te vertellen over de wondere wereld van eetbare planten. Hij breekt een stukje tak af, kauwt op een blad, ruikt en proeft, biedt iemand een handvol versgeplukte dovenetelbloemetjes aan, leert ons wilde kervel herkennen. Het bos geeft hem voortdurende inspiratie. “Alle dagen van het jaar zijn het waard om te wildplukken, maar de lente en de vroege zomer met hun enorme diversiteit aan fris groen hebben een aparte rijkdom.” Al wandelend plukken we ons middagmaal bij elkaar. “Kijk”, zegt Ben als we bij een uitgestrekte plek uitgebloeide daslook komen. “We gaan voorzichtig de ondergrondse knolletjes uitsteken.” Iedereen graaft gehurkt in de grond, een subtiele lookgeur ontvouwt zich.

“Verwar daslook vooral niet met lelietjes-van-dalen”, waarschuwt Ben. “De bladeren lijken erg op elkaar, maar daslook herken je aan zijn markante geur.” Wat verderop vinden we een andere lekkernij: look zonder look. “Ook deze blaadjes smaken naar look, én naar mosterd, vandaar de Engelse benaming mustard garlic.” Van heel wat planten zijn alle delen eetbaar: jonge blaadjes, bloemen, zaden en wortels – dat is ook zo voor dit laatste kruid. Onze tocht gaat verder en al snel zijn onze zakken gevuld met lekkers uit de natuur: daslook, zevenblad, adderwortel, berenklauw, brandnetel, look zonder look en klaverzuring. De bedoeling is dat we daar straks mee aan de slag gaan.

“Als je begint met wildplukken gaat dat best traag”, legt Ben uit. “Neem je tijd om planten te leren kennen in de verschillende fasen en seizoenen. Na een weekendje met mij als gids heb je al voldoende kennis en zelfvertrouwen opgebouwd om straks zelf aan de slag te gaan. Je ontdekt honderden planten om ons heen die je kunt eten”, voegt hij toe. “Wilde planten bezitten unieke voedingstoffen, waaronder bitterstoffen, die je niet terugvindt in gewone voeding.” De huidige voedingsindustrie focust inderdaad op de best ogende, grootste en zoetste rassen. Hierdoor verdwijnen heel wat oude rassen en dat leidt tot een verarming van uitstekende stoffen in ons lichaam.

“Vrijwel alles wat vandaag op ons bord ligt heeft een wilde versie. Een simpel slaatje op basis van wilde planten bevat een bom aan stoffen met een positieve werking voor je lichaam. Deze stoffen zijn compleet afwezig in de commerciële voeding. Uit de natuur eten is ecologisch, lokaal, biologisch én kraakvers. Reden genoeg om de natuur in te trekken”, lacht Ben. Hij vertelt dat topchefs wilde planten steeds meer in hun keuken gebruiken; zij hebben dus wel door welke toegevoegde waarde smaken hebben die rechtstreeks uit de natuur komen.

Look-zonder-look om de gerechten mee af te werken

Ben toont een jonge scheut van berenklauw, met een ongeopende knop in de oksel, die heel verrassend van smaak is en erg lekker.

Zen-ervaring

Na uren stappen, plukken, ruiken en proeven komen we aan bij een kabbelend beekje, een droomplek om ons middagmaal te nuttigen. Dat gebeurt op een open vuur. Ben maant ons aan om droog sprokkelhout te zoeken. Dankzij gebundelde krachten hangt in een mum van tijd een ketel boven een vuurtje. “Wie wil de kruiden wassen?” vraagt Ben. Voorzichtig spoelt iemand de delicate blaadjes in het heldere water terwijl andere deelnemers de daslookknolletjes wassen en fijnsnijden.

Ben heeft wat extra voedsel meegebracht: bruine rijst, brood en Parmezaanse kaas. De fijngesnipperde kruiden gaan samen met de rijst de ketel in om een tijdje te sudderen. Eenmaal klaar is het heerlijk om uit die grote pot te scheppen. De afwerking van het gerecht met fijne blaadjes klaverzuring en waterpeper geeft een frisse toets. Dat we in een bos eten en naast een zacht kabbelend beekje lunchen maakt de ervaring zalig zen. Na de afwas in datzelfde beekje gaat onze boswandeling verder. Tot mijn vreugde leer ik enkele nieuwe planten kennen. Op een bepaald ogenblik vindt Ben zelfs een grote zomerzwam. Ook die mag mee voor ons avondmaal.

Met gevulde zakken komen we terug bij het Forest to Plate huis aan. Tijd om ons op te frissen en een slaapplek klaar te maken. Dat kan in een van de vele kamers van het huis of in een van de glampingtenten die voor de gelegenheid in de tuin opgezet zijn.

Een glampingtent in de tuin rond het Forest to Plate-huis

Vakantiegevoel

’s Avonds is er weer flink wat wildplukgroen op het menu te vinden, aangevuld met lekkers uit de moestuin. Deze keer wordt de maaltijd deels in de keuken klaargemaakt en deels buiten in de tuin. Ben kondigt aan dat we weer een vuur gaan maken, de taken worden verdeeld en al snel zitten we opnieuw rond de vlammen en genieten we van andere unieke hapjes. Koken met wildpluk is echt een genot. We ontdekken de wortelsmaak van zevenblad, het licht zurige van melde en de bittere toetsen van paardenbloem.

Traag valt het duister. De sfeer is ontspannen, een soort vakantiegevoel. Het zachte geluid van smeulend vuur, het flakkeren van de kaarsen, de geur van zomeravond… het fijne besef dat we een boel nieuwe smaken hebben leren kennen. De band met de natuur is aangehaald, vanaf nu mag het onkruid rustig in onze tuin woekeren.

Smaak te pakken?

Op de website van Forest to Plate vind je een gevarieerd aanbod rond wildplukken en outdooractiviteiten. Zo is er keuze tussen een online jaaropleiding wildplukken die maandelijks enkele planten uitlicht of de avontuurlijkere gewone jaaropleiding waarbij je gedurende vijf weekends al wandelend door de vallei van de Viroin en de Franse Ardennen je plantenkennis bijschaaft. Het hele jaar door worden plukweekenden georganiseerd. Voor een echte back-to-basic-ervaring staan twee tipi’s op je te wachten op een unieke locatie naast de rivier. Je kan er overnachten en alle nodige outdoorkookmateriaal is aanwezig. foresttoplate.com.

CREDITS: TEKST & FOTOGRAFIE CHRISTL EXELMANS

Meer lezen over kruiden(tuinen)

  • Gele venkelbloemen, zeemelde en appelsienverbena. In de oude kasteeltuin van het Belgische landgoed Vordenstein kweekt Wim Maes in een exquisiete kruidentuin de crème de la crème onder de kruiden – en vergeten groenten en knollen. Dat levert bijzondere smaakbommetjes op én intense geuren en kleuren.
  • Donkere stengels met verfijnde blaadjes met een bronzen gloed, en ’s zomers een veelheid aan kleine gele schermbloempjes. En dan smaakt bronzen venkel ook nog eens heerlijk. Wij zijn fan van dit knappe kruid.
  • Verstopt in de ommuurde moestuin van Landgoed Eyckenstein in Maartensdijk kweekt Agnes Looman kruidenplanten. Bloemen, blad of wortels; van elke plant op haar kwekerij Agnes Kruiden kent ze het medicinale gebruik. 3 vragen aan Agnes over kruiden kweken in eigen tuin en wat je er allemaal mee kunt.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Nu in de winkel!

Meer Frankrijk